‘Ik heb zelf invloed op mijn COPD-klachten’


Wanneer blijkt dat COPD-patiënt Roel Hagen (63) nog maar 36 procent longcapaciteit heeft, schrikt hij daar flink van. Het longrevalidatieprogramma van Máxima MC (MMC) geeft hem niet alleen zijn longcapaciteit, maar ook zijn leven terug.

“Zelfs twintig meter lopen, was nog te zwaar”, vertelt Roel. “Mijn tuinpad kon ik niet meer aflopen zonder buiten adem te raken.” Anderhalf jaar geleden merkt de Eindhovenaar dat zijn COPD-klachten verergeren. “Ik was kortademig en hoestte veel slijm op. Mijn conditie ging razendsnel achteruit. De huisarts wist niet wat de oorzaak was. Ik was bang dat ik longkanker had.” Na meerdere prednisonkuren en een antibioticakuur wordt Roel door de huisarts verwezen naar zijn longarts Van Henten. Uit een longscan en longfunctietest blijkt dat hij géén longkanker heeft. “Ik was enorm opgelucht. Pas thuis besefte ik wat de arts nog meer zei. Mijn longcapaciteit was in een jaar tijd met 30 procent gedaald. Nog zo’n zelfde jaar en ik zou niets meer over houden.”

Invloed

Bij de CT-scan worden ook bronchiëctasieën ontdekt, een bijkomstige chronische longziekte met veel hoesten – vaak met slijm – en een hoog risico op infecties tot gevolg. Extra medicatie weet dit onder controle te houden. Van Henten stelt het longrevalidatieprogramma voor van Flow, centrum voor preventie, telemedicine en revalidatie van MMC. “Als de longarts zegt dat je zelf wat kunt doen aan je klachten door middel van een revalidatieprogramma, dan grijp je dat toch met twee handen aan? Die keus was niet moeilijk. Ik heb het mogelijk aan mezelf te wijten dat ik COPD heb – ik was een stevig roker – maar het prettige is dat ik óók invloed heb op het verloop van mijn ziekte.”

Groepstrainingen

Op basis van Roels eigen doelen wordt een op maat gemaakt programma samengesteld, wat gericht is op leefstijlverbetering. Dat het pittig zou worden, verwacht hij op dat moment al. “Tijdens één van onze gesprekken klopte Van Henten op mijn schouder en zei: je zult er tegenaan moeten. Recht voor zijn raap, daar houd ik van.” Hoewel Roel geen sportfanaat was, horen groepstrainingen met andere longpatiënten, onder begeleiding van een fysiotherapeut of bewegingsagoog, tot zijn revalidatie. “Al snel hoefde de bewegingsagoog me niet meer aan te sporen, maar juist af te remmen”, zegt Roel. “Samen met twee andere patiënten was ik erg fanatiek. We stimuleerden elkaar. Dat was het fijne van de groepstrainingen.”

Zelfmanagement

Daarnaast zijn ademhalingsoefeningen, voedingsadvies, voorlichting en persoonlijke gesprekken met het revalidatieteam onderdeel van Roels programma. “Ik leerde bijvoorbeeld een nieuwe manier van ademen aan, wat best lastig is als je dat al zestig jaar op dezelfde manier doet. Wanneer het wat slechter met me gaat, let ik meer op mijn ademhaling en merk ik dat de klachten daadwerkelijk afnemen.” Roel noemt het ‘geruststellend’ dat er een groot team aan (para)medici bij de revalidatie betrokken zijn. “Zij stonden allemaal voor me klaar en nog steeds als dat nodig is; daar ben ik hen heel dankbaar voor. Het complete programma zit bovendien puik in elkaar. De nadruk ligt vooral op zelfmanagement. Wat kun je zelf doen om je situatie te verbeteren? En hoe herken je bepaalde klachten? Ik leerde bijvoorbeeld om longaanvallen te herkennen en niet in paniek te raken.”

Vooruitzicht

Aan het eind van het longrevalidatieprogramma voelt Roel zich naar eigen zeggen lichamelijk en mentaal opgekrikt. “Ik heb een betere conditie, veel meer kracht in mijn armen en benen en ik ben minder kortademig. Het mooiste van alles is dat mijn longcapaciteit naar 62 procent is gestegen. De revalidatie, in combinatie met de juiste medicatie, heeft me mijn leven teruggegeven. Dat klinkt zwaar, maar zo voelt het echt. Ik heb weer goede vooruitzichten.”

Lees meer

Minder ziekteklachten dankzij longrevalidatieprogramma.