Visie MMC op transmurale samenwerking

Recente ontwikkelingen in de gezondheidszorg hebben de traditionele verhoudingen tussen eerste- en tweedelijnszorg ter discussie gesteld. De overheid heeft aangegeven dat (chronische) zorg die adequaat door de huisarts of zijn praktijkondersteuner kan worden geleverd, niet meer thuishoort in de tweede lijn. Dat zou niet alleen goed zijn voor de prijs maar ook voor de kwaliteit. Het motto is: ‘In de eerste lijn als het kan, in de tweede lijn als het moet’.

Om dit beleid te ondersteunen is recent gestart met integrale bekostiging van chronische zorg. De zorggroep die de huisartsen vertegenwoordigt, onderhandelt in dit systeem van ketenzorg met de ziektekostenverzekeraar over een pakket medische zorg, waar ook de inbreng van de medisch specialist deel van uitmaakt. Op termijn komen hier ook de kosten van diagnostiek en therapie in te zitten. De medisch specialist voert hier niet meer de regie. Het laat zich aanzien dat introductie van de nieuwe keten-DBC’s nog slechts het begin is van een nieuwe ontwikkeling waarin de basiszorg nadrukkelijk extamuraal wordt gehouden en de rol van de huisarts als poortwachter van de zorg wordt versterkt. Er is dan ook aanleiding om de rol van de medisch specialist opnieuw te bezien en vast te stellen in een snel veranderende context.

Het volledige verslag: Visie MMC op transmurale samenwerking