Neusbijholteontsteking
Boven en naast de neus bevinden zich holle ruimten in het hoofd: de neusbijholten. Deze holten staan in directe verbinding met de neusholte. De binnenkant is bekleed met slijmvlies dat ontstoken kan raken.
Patiëntenfolders
Meer weten over neusbijholteontsteking
Een neusbijholteontsteking begint als een gewone verkoudheid. Het slijmvlies in de neus raakt opgezet. Dit veroorzaakt neusverstopping en snot dat uit de neus of in de keel loopt. Daardoor zijn de reuk en smaak vaak verminderd. Ook kan er sprake zijn van hoestklachten of keelpijn.
Als de zwelling de neusbijholten afsluit, hoopt er slijm op in de holten. Dit kan hoofdpijn geven boven en onder de ogen. Houden de klachten langer dan 6 weken aan, ondanks behandeling door een huisarts? Dan spreken we van een chronische neusbijholteontsteking.
In zeldzame gevallen breidt de ontsteking zich uit buiten de holten. Let op deze alarmsignalen:
Hoge koorts met ernstige hoofdpijn
Sufheid
Een rood en gezwollen oog
Neem bij deze klachten direct contact op met een arts.
De KNO-arts voert eerst een gesprek om de klachten in kaart te brengen. Daarna volgt een algemeen onderzoek, waarbij de arts ook in de neus kijkt. Hiervoor gebruikt de arts neusendoscopie: met een kleine camera (endoscoop) inspecteert de arts de neusholte. Zo is zichtbaar of er iets de afvoer uit de holten belemmert, zoals neuspoliepen of een scheefstaand neustussenschot.
Verder kan de arts röntgenfoto's laten maken. In veel gevallen kiest de arts voor een CT-scan. Op een CT-scan zijn alle holten en de binnenkant van de neus goed te zien. Soms volgt ook bloedonderzoek om een ontsteking te bevestigen of een allergie aan te tonen.
Eerst probeert de arts de zwelling te verminderen met medicijnen, zoals neusdruppels of neussprays met ontstekingsremmers. Ook antibiotica en prednison worden soms ingezet.
Operatie
Reageren de klachten onvoldoende op medicijnen? Dan kan een operatie aan de neusbijholten nodig zijn. De operatie verloopt via de neusholte, zodat er geen littekens aan de buitenkant ontstaan.
Tijdens de operatie krijgt u een verdoving. Dit kan een algehele of een plaatselijke verdoving zijn. In beide gevallen voelt u geen pijn tijdens de ingreep. De arts brengt een endoscoop in en gebruikt navigatieapparatuur om veilig en nauwkeurig ontstoken weefsel te verwijderen en de toegang tot de holten te verbeteren. Meestal mag u dezelfde dag nog naar huis. Na de operatie zit er vaak nog enkele dagen een tampon in de neus om bloeden te voorkomen.
Na de operatie is de neus nog niet genezen. De genezing begint eigenlijk pas daarna: ontstekingsproducten kunnen de neusbijholten nu voor het eerst verlaten. Uw KNO-arts legt u uit wat u kunt doen om dit proces te bevorderen.