Bevalling inleiden
Bevalling inleiden is het kunstmatig op gang brengen van weeën. De gynaecoloog of verloskundige adviseert dit wanneer het beter is om de baby eerder geboren te laten worden dan een spontane bevalling af te wachten.
Patiëntenfolders
Meer weten over het inleiden van een bevalling
Er zijn verschillende redenen om een bevalling in te leiden. Voorbeelden zijn:
U bent ver over tijd.
U heeft een hoge bloeddruk.
Uw kind heeft een groeiachterstand.
Er zijn 2 manieren om een bevalling in te leiden. Welke manier wordt gekozen, hangt af van hoe rijp de baarmoedermond is.
Is de baarmoedermond nog onrijp (dus nog gesloten), dan brengt de arts een Foley katheter in de baarmoedermond. Dit is een dun flexibel slangetje. Aan het uiteinde zit een ballon met een doorsnede van ongeveer 3 cm. De arts vult deze ballon met water. De ballon zorgt ervoor dat de baarmoedermond rijp wordt.
Het is voor vrouwen in bepaalde laag-risico situaties mogelijk om na het inbrengen van de Foley katheter naar huis te gaan. Uw arts of verloskundige bespreekt met u of u hiervoor in aanmerking komt.Is de baarmoedermond rijp, dan worden de vliezen gebroken. Indien nodig krijgt u ook een weeënstimulerend infuus.
Soms begint een bevalling spontaan, maar zet deze niet goed door. De weeën zijn dan niet sterk genoeg en er is geen vooruitgang. De arts kan in dat geval overgaan tot bijstimulatie. De arts kan de vliezen kunstmatig breken of een weeënstimulerend infuus aanleggen.