Ooglidcorrectie
Door een huidoverschot van de bovenoogleden kunt u last krijgen van vermoeide of zware ogen, hoofdpijn of verminderd zicht. Ook kunnen de bovenoogleden u storen zonder dat er sprake is van bovengenoemde klachten.
Veel mensen hebben last van wallen onder hun ogen. Dit wordt meestal veroorzaakt door het slapper worden van de huid en de spieren rondom het oog, of door vet- en/of vochtophoping onder het oog. De plastisch chirurg kan dit corrigeren met een onder-ooglidcorrectie.
De stand van de wenkbrauwen beïnvloedt het huidoverschot van de bovenoogleden. Soms is het daarom nodig om een correctie van de bovenoogleden te combineren met een wenkbrauwlift. Het kan ook voorkomen dat het resultaat van de correctie beperkt blijft door de stand van de wenkbrauwen.
Een correctie van de onderoogleden is een wat uitgebreidere ingreep dan een correctie van de bovenoogleden.
Patiëntenfolders
Meer weten over een correctie van de bovenoogleden
Vlak voor de operatie tekent de plastisch chirurg het operatiepatroon op uw oogleden af. De operatie vindt plaats onder plaatselijke verdoving en duurt ongeveer 45 minuten. De plastisch chirurg haalt een reepje huid van de bovenoogleden weg — en soms ook een deel van de verslapte spier. Als dat nodig is, wordt tegelijk het teveel aan vetweefsel verwijderd. Daarna wordt de huid gehecht en krijgt u kleine pleistertjes op de wond die de hechtingen op hun plek houden.
Na de operatie kunnen de oogleden dik, blauw en gezwollen zijn. U kunt na de operatie vrijwel altijd gewoon zien en u mag meteen naar huis. Er wordt geen verband aangebracht. De ingreep is over het algemeen weinig belastend. De resultaten zijn meestal goed. De littekens komen precies in de plooi van de bovenoogleden te liggen en zijn na verloop van tijd vaak nauwelijks meer te zien.
De ingreep is relatief klein, maar zoals bij elke operatie zijn er risico's. Mogelijke complicaties zijn:
Soms komt na de ingreep een meer dan normale bloeding voor. Dit is meestal niet ernstig: er ontstaat een forse blauwe plek. Het duurt dan wel langer voordat het normale uiterlijk is hersteld.
Er kan een met vocht gevulde holte ontstaan in het litteken. Dit komt zelden voor en kan operatief worden gecorrigeerd.
Direct na de operatie kan het oog soms net niet volledig gesloten worden. Dit herstelt vanzelf. Soms zijn oogdruppels nodig om uitdrogen van het oog te voorkomen.
Tijdelijke of blijvende gevoelsstoornissen van de bovenoogleden.
Afwijkende littekengenezing.
De kosten van een correctie van de bovenoogleden worden soms vergoed door de zorgverzekeraar, maar komen meestal voor eigen rekening.
Meer weten over een correctie van de onderoogleden
De operatie vindt meestal plaats onder plaatselijke verdoving. Na een ingreep onder plaatselijke verdoving mag u direct naar huis. Wordt de operatie onder algehele narcose uitgevoerd, dan blijft u een dag in het ziekenhuis.
De plastisch chirurg maakt een snede vlak onder de wimpers van het onderooglid. De snede loopt door tot ongeveer anderhalve centimeter buiten de buitenste ooghoek, afhankelijk van de hoeveelheid huidoverschot. Het overtollige vetweefsel wordt verplaatst of verwijderd. De huid wordt naar de zijkant toe strakgetrokken. Daarna verwijdert de plastisch chirurg de overtollige huid. De operatie duurt ongeveer een uur.
Soms is het mogelijk om alleen overtollig vet te verwijderen. Dit kan zonder uitwendig zichtbaar litteken. Dit is echter slechts in zeer beperkte situaties mogelijk.
de operatie kunnen de volgende complicaties optreden:
Lelijke littekengenezing.
Tijdelijke of blijvende gevoelsstoornissen van de onderoogleden.
Meer dan normale bloedlekkage na de ingreep. Dit is meestal niet ernstig, maar er ontstaat dan een forse blauwe plek. Het herstel duurt dan langer.
Een met vocht gevulde holte (epitheelcyste) in het litteken. Dit komt zelden voor en kan operatief worden gecorrigeerd.
De binnenzijde van het ooglid ligt na de operatie niet meer goed tegen de oogbol aan. Dit veroorzaakt tranenvloed en irritatie van het ooglid. Deze complicatie heet ectropion. Meestal gaat dit vanzelf over. Soms is een nieuwe operatie nodig.
Na de operatie kunnen de oogleden dik, blauw en gezwollen zijn. U kunt na de operatie vrijwel altijd gewoon zien. Er wordt geen verband aangebracht.
Een operatie ter correctie van de onderoogleden en de kosten van eventuele complicaties worden vrijwel nooit vergoed door uw ziektekostenverzekering.