Standcorrectie platvoet (pes planus)
Een normale voet heeft aan de binnenzijde een voetboog van ongeveer 1,3 cm hoog (als u staat). Bij een platvoet is deze voetboog verzakt en rust de voet geheel of gedeeltelijk op de grond.
Bij kleine kinderen is een platvoet vaak normaal. De voetboog is zich nog aan het ontwikkelen. Rond het 10e levensjaar is de platvoet bij de meeste kinderen verdwenen. Als de platvoet blijft bestaan, kan er sprake zijn van een onjuiste botontwikkeling.
Normale voet:

Platvoet:

Patiëntenfolders
Meer weten over een standcorrectie platvoet
Platvoeten zijn een veelvoorkomende aandoening. Ze kunnen pijn, zwelling en vermoeidheid in de voet veroorzaken. Soms geeft de standsafwijking ook klachten in de knieën, heupen of rug.
Bij kleine kinderen is een platvoet vaak normaal. De voetboog is zich nog aan het ontwikkelen en is bij de meeste kinderen rond het 10e levensjaar verdwenen. Als de platvoet blijft bestaan, kan er sprake zijn van een onjuiste botontwikkeling.
De pijnklachten zijn vaak te verhelpen met steunzolen. Heeft dit onvoldoende effect? Dan kan de kinderorthopeed in overleg met u kiezen voor een operatie.
Tijdens de operatie plaatst de orthopeed een kegel aan de buitenzijde van de voet. Dit kegeltje zorgt ervoor dat de voet een natuurlijke holling krijgt. Aan de binnenkant trekt de orthopeed een band in de voet strakker. Als dat nodig is, verlengt de orthopeed ook de achillespees. Dat gebeurt via een klein gaatje.