Fistels bij de anus
Een fistel bij de anus is een verbinding tussen de endeldarm en de huid, die daar niet hoort. De fistel veroorzaakt pijn. Een operatie is nodig om de anusfistel te behandelen.
Patiëntenfolders
Meer weten over fistels bij de anus
De voornaamste klachten zijn pijn en vuil of vocht dat uit de fistelopening komt.
Een fistel ontstaat meestal door een ontsteking in een anaalplooi of -kliertje. Dit kan bij iedereen gebeuren. Een aanleiding is niet bekend. De ontsteking breidt zich uit naar de sluitspier van de anus en breekt vervolgens door de huid. Zo blijft er een fistel over.
Een anusfistel loopt bijna altijd door het onderste deel van de sluitspier. De fistel kan recht van de endeldarm naar de huid lopen. Maar de weg kan ook kronkelig zijn of met zijvertakkingen verlopen. De arts stelt het verloop van de fistelgang vast tijdens de operatie.
Tijdens een consult in het ziekenhuis bespreekt de arts uw klachten. Daarna volgt lichamelijk onderzoek. De arts bekijkt het anale gebied en let op huidafwijkingen, ontstekingen en fistelopeningen. Vervolgens voelt de arts met een vinger aan de binnenkant van de anus. Soms is een MRI-scan nodig om het verloop van de fistel te bekijken.
De ingreep gebeurt in dagbehandeling in Máxima MC (MMC), locatie Eindhoven. U komt 's ochtends naar het ziekenhuis en gaat dezelfde dag terug naar huis.
Oppervlakkige fistel
De arts snijdt de fistel geheel open. Soms legt de arts ook een deel van de sluitspier open, als de fistel daar doorheen loopt. Dit is meestal het geval. De wond blijft open en wordt bedekt met een gaas. U hoeft niet bang te zijn voor incontinentie. Er blijft genoeg weefsel in de sluitspier over om dat te voorkomen. Soms laat de arts een oplosbaar en bloedstelpend tampon achter in de anus. De operatie duurt ongeveer 30 minuten.
Complexe fistel
Bij dieper gelegen of complex verlopende fistels kan de arts niet op bovenstaande manier werken. Een te groot deel van de sluitspier zou dan opengelegd worden. Daarom laat de arts een seton-draad achter. Deze draad houdt de fistel open, zodat het vocht erlangs naar buiten kan lopen. Hierdoor nemen de ontstekingen af. De draad zit vaak enkele maanden in het lichaam. Daarna volgt een tweede operatie om de fistel definitief te behandelen.
Beide operaties vinden plaats onder algehele narcose of met een ruggenprik.