

Ik krijg een operatie (kapje)
Krijg je binnenkort een operatie? In het filmpje kun je de operatiekamer alvast zien. Ook vertellen we wat er vóór en na de operatie gebeurt. Kijk je mee?
Start hier voor uitleg over de voorbereiding
Stap 1Gebruik de pijltjes om door het fotoboek te bladeren.
Stap 2Je bent vandaag samen met je ouder(s)/verzorger(s) naar het ziekenhuis gekomen voor een operatie.
Stap 3Welkom op de kinderafdeling. Bij de balie mag je zeggen hoe je heet, dan weten wij dat je er bent.
Stap 4Dit is jouw kamer.
Stap 5De verpleegkundige komt met je praten en stelt je vragen om goed te weten wie je bent.
Stap 6Je krijgt een bandje om. Hierop staat je naam, wanneer je geboren bent en de naam van de afdeling.
Stap 7De verpleegkundige meet je temperatuur op met een oor thermometer.
Stap 8Van de verpleegkundige krijg je een paracetamol in de vorm van een zetpil of zuigtablet.
Stap 9Je mag je pyjama aantrekken.
Stap 10De verpleegkundige meet je lengte en gewicht in de onderzoekskamer.
Stap 11Een pedagogisch hulpverlener komt met de tablet vertellen wat er vandaag allemaal gaat gebeuren.
Stap 12Soms moet je nog even wachten voordat je aan de beurt bent. Je mag dan spelen in de speelkamer of op je kamer blijven.
Stap 13Wanneer je aan de beurt bent, mag je in je bed naar de operatie afdeling. De verpleegkundige en je papa of mama gaat met je mee.
Stap 14Je gaat met je bed in de lift naar de eerste verdieping.
Stap 15Bij de operatie afdeling krijgt papa of mama een blauw pak aan. Jullie krijgen ook allebei een groene muts op. De verpleegkundige gaat weer terug naar de afdeling.
Stap 16Misschien kun je nog even tv kijken als je moet wachten.
Stap 17Als je aan de beurt bent, brengt de verpleegkundige jou met het bed naar de operatiekamer. Papa of mama blijft bij je.
Stap 18Zo ziet de operatiekamer eruit.
Stap 19In de operatiekamer mag je op de operatietafel gaan liggen. Je mag er zelf opklimmen, als je dat kunt.
Stap 20De mensen van de operatiekamer komen zich aan jou voorstellen. Vaak stellen ze nog wat vragen over wie je bent en waarvoor je komt.
Stap 21Soms krijg je een band om je arm om je bloeddruk te meten.
Stap 22Soms krijg je stickers op de borst en buik om je hartslag te meten.
Stap 23Je krijgt een rood lampje op je vinger. Deze meet het zuurstof in je bloed.
Stap 24De slaapdokter zet een kapje over je neus en mond. Door het kapje ga je slapen.
Stap 25Wanneer je wakker wordt, lig je op de uitslaapkamer. Papa of mama is dan bij je. Je hebt nog een infuus in je hand of arm en een lampje op je vinger als je wakker wordt.
Stap 26Wanneer je goed wakker bent, komt de verpleegkundige je weer halen. Je mag weer terug naar de afdeling.
Stap 27Wanneer je weer terug bent op de afdeling krijg je weer wat te drinken.
Stap 28En weer wat eten.
Stap 29Je mag je omkleden en klaarmaken om naar huis te gaan.
Stap 30De verpleegkundige komt je gedag zeggen.
Stap 31Je mag weer naar huis.