Artrose (reumatologie)
Artrose is een gewrichtsziekte waarbij het kraakbeen beschadigd is. Hierdoor kan het gewricht de schokken van een beweging minder goed opvangen. Als gevolg hiervan kunnen pijnklachten en zwelling ontstaan.
Artrose komt vaak voor in de knieën, heupen, gewrichten in de nek en onderrug, de duim, de vingers en de grote teen. Artrose is een chronische aandoening. De klachten kunnen langzaam erger worden, maar dit verschilt per persoon.
Patiëntenfolders
Meer weten over artrose
Let op deze symptomen:
Pijn en stijfheid zijn de meest voorkomende klachten. Bij het opstaan of in beweging komen, is er pijn. Dit noemen we startpijn. Lopen, traplopen en bukken wordt vaak steeds moeilijker.
Het gewricht kan kraken.
Er ontstaat zwelling en het gewricht kan warm aanvoelen.
Door beschadiging van het kraakbeen bewegen de botuiteinden minder soepel. Hierdoor neemt de kracht op de botten onder het kraakbeen toe. Het bot probeert deze grotere belasting op te vangen door breder te worden. Aan de rand van het bot kunnen zichtbare uitsteeksels ontstaan. In een vergevorderd stadium kan de stand van de botten veranderen.
Er is nog veel onduidelijkheid over hoe artrose precies ontstaat. Vaak spelen meerdere factoren een rol. Bepaalde risicofactoren vergroten de kans op artrose:
Hogere leeftijd
Overbelasting van het kraakbeen, bijvoorbeeld door topsport of overgewicht
Vrouwen hebben 2 keer zo vaak artrose als mannen
Gewrichtsbeschadiging in het verleden, bijvoorbeeld een botbreuk
Meestal is lichamelijk onderzoek voldoende om de diagnose artrose te stellen. Soms is aanvullend onderzoek nodig, zoals röntgenfoto's of bloedonderzoek.
Afhankelijk van de ernst van de klachten wordt een behandeling gekozen. Eerst wordt gewerkt aan klachtenvermindering en functieverbetering. U krijgt oefeningen en voorlichting over hoe u met de ziekte kunt omgaan. Speciale oefeningen kunnen pijn verlichten en de gewrichtsfunctie versterken. Als de functie verbetert, is de volgende stap om actiever te worden. Lichamelijke activiteit bevordert gewichtsverlies en verbetert de algehele gezondheid. Dit zijn de eerste stappen voor mensen met artrose en ze moeten zo vroeg mogelijk worden gezet.
Uw specialist kan u verwijzen naar een fysiotherapeut, podotherapeut, ergotherapeut of diëtist. Zij geven advies over beweging en afvallen en helpen uw loop- en bewegingspatroon te verbeteren.
Mogelijk komt u in aanmerking voor GLA:D, een oefen- en voorlichtingsprogramma in de regio Eindhoven voor patiënten met knie- en heupartrose. Ook kan een hulpmiddel worden aangeraden, zoals een rollator of stok. Zo neemt de belasting van het pijnlijke gewricht af. Als bovenstaande behandeling onvoldoende helpt, kan uw specialist u verwijzen naar de orthopeed.