Syndroom van Down
Het syndroom van Down is een aangeboren chromosoomafwijking. Kinderen met het Downsyndroom hebben naast verstandelijke beperkingen vaak ook problemen met hun oren, ogen, hart, eten en bewegen.
Patiëntenfolders
Meer weten over het syndroom van Down
Het Downsyndroom ontwikkelt zich tijdens de zwangerschap. Kinderen met het syndroom hebben een extra chromosoom: 47 in plaats van 46. Dit komt door een fout in de deling van chromosomen in de eicel.
Het extra chromosoom heeft invloed op de geestelijke ontwikkeling. Het maakt het kind ook kwetsbaarder voor infecties en afwijkingen aan organen. Hartproblemen komen regelmatig voor bij kinderen met het Downsyndroom.