Latexallergie

Bij een latexallergie bestaat er een overgevoeligheid voor natuurlijke eiwitten die voorkomen in latex. Dit wordt gebruikt in rubberen producten, zoals handschoenen en ballonnen.

Rubberen producten kunnen overgevoeligheidsreacties veroorzaken. Dit moet niet verward worden met een latexallergie. Een latexallergie komt zelden voor.

Symptomen

Een latexallergie kan zich uiten als een contactallergie (type IV) en/of als een allergische reactie in de neus, ogen of longen (type I). Een type IV reactie uit zich vooral in eczeem en wordt meestal veroorzaakt door de chemische toevoegingen in een rubberen product. Een type I reactie kan leiden tot galbulten, zwellingen, jeuk, neusklachten, kortademigheid en astma. Lees hier meer over de verschillende typen allergieën en bijbehorende klachten. In ernstige gevallen ontstaat een levensbedreigende reactie (anafylaxie).

Onderzoek

Type I
Bij verdenking op een type I latexallergie houdt de specialist vaak een huidpriktest en/of bloedonderzoek. Bij een huidpriktest wordt op de huid een druppeltje aangebracht, waarin allergenen zijn opgelost. Hierna prikt de specialist met een fijn naaldje door dit druppeltje in de huid. Als er een rood bultje ontstaat, is de test positief.

Type IV
Bij verdenking op een type IV allergie kan de diagnose bevestigd worden met behulp van plakproeven (epicutane test). Hierbij worden pleisters met allergenen op uw rug aangebracht. Deze pleisters moeten 36 tot 72 uur blijven zitten. Na het verwijderen van de pleisters vertoont de huid wel of geen allergische reactie.

De meeste plakproeven worden gedaan op de polikliniek dermatologie.

Behandeling

U dient natuurlijke latex te vermijden om klachten te voorkomen. Bij een ernstige allergische reactie is noodmedicatie nodig, zoals een adrenaline auto-injector.