Depressie
Een depressie is een ziekte waarbij u zich weken lang het grootste deel van de dag somber voelt en zich er niet overheen kunt zetten. Iedereen voelt zich weleens neerslachtig of lusteloos. Dat zijn normale gevoelens bij tegenvallers of problemen. Maar als die gevoelens weken aanhouden, spreken we van een depressie.
Depressie komt bij veel mensen voor. 10% van de mannen en 20% van de vrouwen maakt in hun leven een depressie door. Een depressie kan op alle leeftijden voorkomen, bij zowel jonge als oudere mensen. In sommige families komen depressies vaker voor. In die families bestaat een grotere kwetsbaarheid voor depressies.
Patiëntenfolders
Meer weten over een depressie
Een depressie behoort tot de goed behandelbare psychiatrische aandoeningen. Verreweg de meeste behandelingen hebben een gunstig effect. Bij een lichte depressie kan worden gestart met voorlichting en begeleiding door de huisarts of een praktijkondersteuner. Verbetert de depressie na 3 maanden niet? Dan is een intensievere behandeling nodig.
Antidepressiva zijn de belangrijkste medicijnen bij de behandeling van depressie. Er zijn veel soorten antidepressiva. Ze verschillen onderling vooral in mogelijke bijwerkingen. Bij meer dan de helft van de depressieve patiënten verminderen antidepressiva de klachten aanzienlijk. Hoe ernstiger de depressie, hoe groter het effect. Het effect is niet altijd meteen merkbaar. Over het algemeen duurt het 2 tot 4 weken voor de depressieve klachten verminderen.
Lithium wordt voorgeschreven bij klachten van manisch-depressiviteit. Van depressiviteit is sprake als iemand gedurende langere tijd, minstens enkele weken, bedrukt, lusteloos en besluiteloos is, slecht eet, slecht slaapt, tegen de dag opziet en tot niets komt. Van een manie is sprake als iemand in een periode overdreven druk, gejaagd en opgewekt is en van alles tegelijkertijd wil ondernemen. Bij manisch-depressiviteit wisselen depressieve perioden af met manische perioden. Tussendoor zijn er normale perioden.
Lithium voorkomt aanvallen van depressie of manie, maar geneest de ziekte niet. Stopt u met het innemen van lithium? Dan komen de aanvallen terug. Lithium werkt pas goed als er een bepaalde hoeveelheid in uw bloed zit. Daarvoor komt u regelmatig naar het ziekenhuis voor een bloedcontrole. In het laboratorium wordt gekeken of de concentratie in uw bloed voldoende is. Gebruikt u minder dan de voorgeschreven hoeveelheid? Dan heeft het medicijn minder of helemaal geen effect. Gebruikt u te veel? Dan kunnen er vergiftigingsverschijnselen optreden. Houdt u zich daarom aan de voorschriften van de arts.
De eerste weken kunt u last krijgen van:
misselijkheid
lichte buikpijn
soms braken
droge mond
diarree
moeheid
verminderde concentratie
trillen van de handen
vaker moeten plassen
Deze klachten gaan meestal na een tijdje vanzelf over.