Borstkanker

Als u een verandering aan uw borst hebt merkt, bijvoorbeeld een zwelling, huidintrekking of vochtafscheiding uit de tepel, of u wordt verwezen via Bevolkingsonderzoek Borstkanker, kan er sprake zijn van borstkanker.

Borstkanker is de meest voorkomende vorm van kanker in de westerse wereld. 1 op de 8 à 9 vrouwen krijgt het ooit in haar leven. Met name vanaf de leeftijd van 35 jaar stijgt het aantal vrouwen dat getroffen wordt snel. De piek ligt bij vrouwen boven 50 jaar.  Ook bij mannen kan borstkanker voorkomen; 1 op de 1500 mannen in Nederland krijgt borstkanker.

Symptomen

  • knobbeltje in de borst
  • deukje in de borst
  • ingetrokken tepel
  • sinaasappelhuid
  • tepelvochtverlies
  • eczeem rond de tepel

Oorzaak

Het is nog steeds niet duidelijk waardoor borstkanker veroorzaakt wordt en hoe je het kunt voorkomen. Sommige vrouwen lijken gevoeliger te zijn om borstkanker te krijgen dan andere, bijvoorbeeld:

  • vrouwen die eerder borstkanker hebben gehad
  • vrouwen van wie de moeder en/of zuster(s) vóór de overgang borstkanker hebben gehad. Bij naar schatting vijf tot acht procent van de patiënten spelen erfelijke factoren een rol bij het ontstaan van borstkanker
  • Ook geslachtshormonen kunnen een rol spelen bij het ontstaan van borstkanker. Vrouwen die op jonge leeftijd de eerste menstruatie krijgen en vervolgens op late leeftijd de laatste menstruatie, staan langer bloot aan oestrogenen (vrouwelijke geslachtshormonen). Dit vergroot de kans op borstkanker. Zo lijkt (jong) kinderen krijgen en borstvoeding geven het ontstaan van borstkanker af te remmen. Of de anticonceptiepil ook een risico vormt is niet geheel zeker.

Onderzoek

Eerst heeft u een gesprek met de chirurg of verpleegkundig specialist. Hierna volgt lichamelijk onderzoek van de borsten en lymfeklieren in de oksel. Aan de hand van de bevindingen besluit de chirurg of de verpleegkundig specialist welke vervolgonderzoeken nodig zijn Om de diagnose borstkanker te kunnen stellen, kunnen de volgende onderzoeken worden verricht:

Verschillende typen borstkanker

Borstkanker kan overal in de borst ontstaan. We kennen verschillende typen borstkanker. Dit is afhankelijk van het weefsel waaruit de tumor is ontstaan en wat de verdere kenmerken van de tumor zijn. Een tumor kan ontstaan in een melkgangetje, dit noemen we een ‘ductaal carcinoom’. Als een tumor ontstaat in de melkklier noemen we dit een ‘lobulair carcinoom’. Andere tumorkenmerken die bepalend kunnen zijn in de keuze van behandeling:
1. Afmeting van de tumor:
De afmeting van de tumor speelt een belangrijke rol in de keuze van de volgorde van behandelen en de operatieve mogelijkheden.
2. Gradering van de tumor:
De gradering wordt weergegeven in een getal van 1 tot 3. Dit zegt wat over de mate van verandering van gezonde lichaamscellen. Hoe minder een tumorcel lijkt op een gezonde lichaamscel, hoe agressiever deze is. Een hogere gradering betekent een grotere mate van agressiviteit (celwoekering).
3. Hormoonreceptoren:
Aan de hand van een stukje tumorweefsel wordt onderzocht of er sprake is van hormoongevoeligheid. Kankercellen bevatten ontvangers (receptoren) die oestrogeen en/of progesteron aan zich kunnen binden. Deze zorgen voor een groeisignaal in de tumorcel. Oestrogeen en progesteron zijn geslachtshormonen. De tumor voedt zich en kan uitgroeien onder invloed van lichaamseigen hormonen. We spreken dan van een hormoongevoelige tumor.
4. HER2/neu receptor:
HER2/neu is een eiwit dat een grote rol speelt bij de ontwikkeling van borstkanker. Het is een ontvanger (receptor) die signalen doorgeeft aan de celkern voor een gezonde celgroei en celdeling. Als de tumor HER2/neu-gevoelig is, betekent dit dat er veel van deze receptoren zijn. Een cel met te veel receptoren ontvangt te veel groeisignalen en zal sneller groeien dan normale cellen (woekering). We noemen dit een HER2/ neu positieve tumor.

Uitzaaiingen

Bij borstkanker ontstaan de eerste uitzaaiingen vaak in de lymfeklieren van de oksel, aan de kant van de aangedane borst. Ook kunnen uitzaaiingen optreden in de botten of in organen zoals longen of lever.

Behandeling

Als u van uw medisch specialist de diagnose borstkanker heeft gekregen, krijgt u een afspraak bij een verpleegkundig specialist. Tijdens uw gehele traject van diagnose tot en met nazorg heeft u één verpleegkundig specialist als aanspreekpunt. Zij geeft u, uw partner en familie duidelijke voorlichting, een gedegen voorbereiding en begeleiding tijdens uw ziekte en behandeling. Met al uw vragen of onzekerheden kunt u bij haar terecht.

Bij de behandelmogelijkheden van borstkanker maken we onderscheid in:
1. Plaatselijke behandeling:
a) operatie
b) (eventueel) gevolgd door bestraling

2. Systemische behandeling:
c) chemotherapie
d) immunotherapie
e) hormoontherapie

1.Plaatselijke behandeling
a) Operatie
Borstkanker kan in grote lijnen op twee operatieve manieren behandeld worden: door een borstsparende behandeling (een operatie gevolgd door bestraling), of door een borstamputatie (eventueel met een (primaire) reconstructie van de borst). In beide gevallen kunnen tijdens de operatie ook één lymfeklier (de schildwachtklier) of meerdere lymfeklieren (okselklierdissectie) uit de oksel verwijderd worden om te kunnen onderzoeken of deze uitzaaiingen bevatten.
b) Bestraling
Bestraling brengt schade toe aan cellen: gezonde cellen kunnen zich hiervan herstellen, kankercellen niet en deze sterven af. Na een borstsparende operatie volgt altijd bestraling van de geopereerde borst. Op deze manier is er een gelijke kans op genezing in vergelijk tot een borstamputatie. Soms volgt er na een borstamputatie ook bestraling en soms is het nodig om de oksel te bestralen.

2.Systemische behandeling
Dit is een behandeling die het hele lichaam aangrijpt. Een systeembehandeling wordt gegeven als er een reële kans bestaat dat er tumorcellen elders in het lichaam zijn, die dusdanig klein zijn dat deze (nog) niet kunnen worden aangetoond. De systemische behandelingen richten zich erop om te voorkomen dat tumorcellen kunnen uitgroeien en elders in het lichaam voor problemen kunnen gaan zorgen. We noemen dit uitzaaiingen of metastasen.

Niet iedereen komt, naast een plaatselijke behandeling, in aanmerking voor een systeembehandeling. Dit wordt bepaald aan de hand van het risico op uitzaaiingen. De grootte en gradering van de tumor, maar ook de aanwezigheid van eventuele kankercellen in de lymfeklieren zijn bepalend bij deze risico-inschatting. Als de systemische behandelingen plaatsvinden als aanvulling op de lokale behandeling, noemen we dit een adjuvante behandeling. Er kan ook worden overwogen om de systeembehandeling vooraf aan de operatie te geven: neo-adjuvant. Dit om in een later stadium (bij verwachte afname van tumoromvang) zorgvuldiger te kunnen opereren. Daarnaast kan het effect van de therapie op de tumor beter beoordeeld worden. Systeembehandelingen worden ook toegepast bij medisch bezwaar tegen een operatie.

c) Chemotherapie
Chemotherapie is een behandeling waarbij cytostatica (medicatie) via een infuus wordt toegediend. Via de bloedbaan verspreidt de medicatie zich door het hele lichaam om tumorcellen aan te pakken. De tumorcellen zijn sneldelende cellen. Cytostatica vernietigen deze. Bijwerkingen bij chemotherapie ontstaan doordat de medicijnen ook effect hebben op gezonde sneldelende cellen.

d) Immunotherapie
Immunotherapie is een doelgerichte behandeling. Bij borstkanker kan een vorm van immunotherapie worden ingezet als er sprake is van een hoge mate van aanwezigheid van HER2-receptoren; een zogenaamde HER2/neu positieve tumor. Via een infuus wordt medicatie gegeven die zich zal binden aan de HER2-receptoren, om ze op deze manier te blokkeren. Hierdoor kan de cel geen groeisignalen meer ontvangen en doorgeven. De groei van de tumorcel wordt geremd.

e) Hormoontherapie
Hormoontherapie wordt gegeven als de tumor hormoongevoelig is. Deze voedt zich dan met oestrogeen en progesteron. Antihormonen kunnen dit proces blokkeren. Hormoontherapie wordt meestal in tabletvorm gegeven, maar kan ook toegediend worden als injectie. De keuze van de medicatie wordt bepaald door de leeftijd van de patiënt en het al dan niet doorgemaakt hebben van de overgang.

De behandeling bij borstkanker kan dus op veel verschillende manieren gegeven worden en is afhankelijk van uw persoonlijke situatie.

Erfelijkheidspolikliniek

Als enige opleidingscentrum in Nederland is er de toekenning voor een polikliniek erfelijke tumoren door de enkele vaste dagen aanwezigheid van de klinisch geneticus en genetisch consulente vanuit het Academisch Ziekenhuis Maastricht. De polikliniek erfelijke tumoren wordt in het merendeel verricht op het Borstcentrum op locatie Eindhoven.
De erfelijkheidspolikliniek van Borstcentrum Máxima is bedoeld voor vrouwen en mannen met een BRCA 1, BRCA 2 of CHEK 2-genmutatie. Zij kunnen hier terecht voor advies, voorlichting, controles en eventuele operatie. Mannen en vrouwen waarbij veel kanker in de familie voorkomt kunnen terecht op deze polikliniek voor een erfelijkheidsadvies.